Terug naar startpagina
Groenland

De Groenlanders noemen hun land Kalaallit Nunaat, hetgeen vrij vertaald “het land van de mensen” betekent. Voor de meeste Nederlanders is Groenland dat grote mysterieuze, met sneeuw bedekte land waar je overheen vliegt richting Amerika. En inderdaad een groot deel (ca. 85%) van Groenland wordt bedekt door een immense ijskap. Maar het zijn de ijsvrije gebieden en de grensgebieden van de ijskap die Groenland landschappelijk juist zo spectaculair maken.

Groenland is meer dan gletsjers, ijsbergen en weelderig begroeide wandelgebieden. De hedendaagse Groenlandse cultuur is een bijzondere smeltkroes van eeuwenoude Inuit tradities, elementen ingebracht door de Vikingen (o.a. agrarische leefwijze en het christendom) en moderne elementen (o.a. mobiele telefoon en internet).

Groenland is ruim 50 keer zo groot als Nederland, maar heeft slechts ca. 57.000 inwoners. Het is onderdeel van het Koninkrijk Denemarken, maar heeft een grote mate van zelfbestuur (Hjemmestyret), de hoofdstad is Nuuk. Groenland is geen lid van de EU maar accepteert zowel een geldig paspoort als een geldige Europese identiteitskaart als grensdocument. De Deense Kroon (DKK) functioneert als wettig betaalmiddel. De officiële talen zijn Deens en Groenlands. Vooral in de meer toeristische dorpen en steden spreken steeds meer Groenlanders ook Engels.
Door de grote invloed van de ijskap blijft de gemiddelde zomertemperatuur meestal steken op 10ºC. Wat niet betekent dat het er steeds barkoud is. Door de zeer lage luchtvochtigheid voelt de buitenlucht veel warmer aan dan de thermometer doet vermoeden. Maar gevoelstemperatuur blijft een zeer persoonlijke zaak. Verder kunnen zon, wind, mist en in mindere mate regen elkaar, zeker in gebieden dicht bij zee, in een hoog tempo afwisselen.

Het landschap van Groenland wordt gedomineerd door de grote ijskap. De kusten worden voornamelijk gevormd door een fascinerend fjordengebied waarin indrukwekkende gletsjertongen uitmonden.

Afgekalfde brokken drijven als ijsbergen naar zee. Vooral het gebied rond de Diskobaai is bekend vanwege het grote aantal ijsbergen. Op een aantal (bereikbare) plaatsen eindigt de ijskap ook op land. In het zuidwesten, waar het gebergte veel ouder en verweerder is dan in het oosten, heeft zich een scherenkust gevormd (o.a. bij Nuuk). Bergen worden afgewisseld door valleien met een weelderige begroeiing van planten en lage struiken. Dorpen en steden met kleurrijke huizen zijn gebouwd op beschutte plaatsen in de kuststroken.
Het zomerseizoen start begin juni en loopt door tot half september. Dagen van (bijna) 24 uur daglicht bieden optimale reismogelijkheden. Na half september worden de dagen snel korter tot de zon (bijna) niet meer boven de horizon komt, waardoor de temperatuur drastisch daalt. Dan volgen de donkere maanden tot eind februari. Mede door het onvoorspelbare winterweer zijn reismogelijkheden dan aanzienlijk beperkt. Heeft u de tijd en durft u het aan?

Dan wacht u een avontuur in sprookjesachtig licht van maan, sterren en noorderlicht. Eind februari, wanneer de zon weer boven de horizon komt en sneeuw en ijs volop aanwezig zijn, breekt de tijd van hondensledetochten en andere winterse activiteiten aan. Begint in mei de sneeuw te smelten, dan is het wachten tot de zomer haar intrede heeft gedaan.
Het bekendste gebied van Groenland is ongetwijfeld de Diskobaai. Hier drijven ijsbergen rond in alle soorten en maten. Ze breken af van diverse uitlopers van de inlandijskap en vallen in zee. Afhankelijk van het zuurstofgehalte kunnen ze in kleur variëren van turkoois tot maagdelijk wit, van knalblauw tot doorzichtig zwart. Overal van zuid tot noord produceren gletsjers, die in zee uitmonden, ijsbergen. Maar die in de omgeving van Ilulissat en Uummannaq spannen de kroon: hier schuiven gletsjers 25 tot 30 meter per dag op, en duwen zo heel wat ijs(bergen) de zee in!

Vanuit Ilulissat en Uummannaq kunnen excursies te voet, per boot of per helikopter naar de ijsbergen en gletsjers gemaakt worden. Andere excursies laten u kennis maken met de lokale bevolking en haar historie. Thule (Qaanaaq) in het uiterste noorden is de wereld van ‘pooleskimo’s’, ijsberen en zeehonden. Een gebied dat nauw verbonden is met de namen van beroemde poolreizigers. Thule was in het verleden moeilijk bereikbaar vanwege ijs- en weersomstandigheden. Nu is de beperkende factor de Amerikaanse basis, die de toegangspoort vormt, en waarvoor per jaar een zeer beperkt aantal passage-visa afgegeven wordt. Vandaag de dag leven in Qaanaaq nog ca. 900 mensen op traditionele wijze (bijna) uitsluitend van de jacht. In de zomer verdwijnt het pakijs niet helemaal en gaat men met boot en kajak tussen de voortdurend bewegende ijsschotsen op zoek naar zeehonden etc. Ondanks de zeer noorderlijke ligging groeit en bloeit er hier toch van alles, een hoogarctische flora die zelfs vlinders aantrekt.
In West-Groenland ligt de hoofdstad Nuuk. In de moderne hoofdstad is een winkelstraat met warenhuizen waar je (bijna) alles kunt kopen, een disco, hoofdstraat met stoplichten en uiteraard hotel, pension/ jeugdherberg. Het cultuurhistorisch museum heeft een permanente tentoonstelling en een wisselende thema-tentoonstelling. De walvissafari (Bultruggen) in aug/sept. is zeker een aanrader. Geologen kunnen in de omgeving van Nuuk het oudst bekende gesteente (3,8 miljard jaar oud) vinden.

De voormalige Amerikaanse basis Kangerlussuaq is de grote luchthaven van Groenland. Hotel en luchthavengebouw lopen hier letterlijk in elkaar over. Bij een tussenstop heeft u veelal genoeg tijd om een excursie naar de inlandijskap of een muskusossensafari te maken. Voor wandelaars kan Kangerlussuaq het beginpunt van een wandel/trekkingtocht zijn. Overige plaatsen zijn Sisimiut, Maniitsoq en Paamiut.
De oostkust van Groenland wordt gevormd door een fjordengebied met hoge steile bergen. Hier vindt u ook de hoogste bergtoppen van Groenland (ca. 3000m). De eilanden voor de kust zijn vlakker en bedekt met een rijke toendravegetatie. Het noordoostelijk gedeelte, dat één groot Nationaal Park is, is onbewoond en gesloten voor toerisme. Halverwege de oostkust, langs de oevers van één van ‘s werelds langste fjorden, ligt de noordelijkste nederzetting Ittoqqortoormiit (Scoresby Sund). Zuidelijker liggen Kulusuk en Tasiilaq (Ammassalik). De Oost-Groenlandstroom brengt het hele jaar door zeer veel pakijs mee vanaf de noordpool. De oostkust is daarom over water vaak moeilijk te bereiken.

Hierdoor is de bevolking lang geïsoleerd gebleven en is o.a. de jacht nog een wezenlijk onderdeel van het dagelijks bestaan. Wandelingen door plantenrijke gebieden en naar historische plaatsen, boottochten naar gletsjers, walvissafari’s, ‘cross country’ skitochten of een dagje mee met lokale vissers of jagers laten u doordringen in de veelzijdigheid van dit gebied.
Het zuiden van Groenland ligt op dezelfde breedtegraad als Oslo en is de meest groene regio. De Vikingen die zich hier meer dan 1000 jaar geleden vestigden, noemden het gebied niet voor niets Groenland. Restanten van hun nederzettingen zijn nog steeds zichtbaar in het landschap. Naast de garnalen- en visvangst leven hier nu nog ca. 60 gezinnen van de
schapenteelt. In de goed bewandelbare valleien bloeien de mooiste bloemen (zelfs orchideeën). Vindplaatsen van bijzondere mineralen en gesteenten maken de omgeving van Narsaq (Kvanefeld) extra interessant. Excursiemogelijkheden: wandelingen langs en/of boottochten door de fjorden, naar gletsjerfronten, warme bronnen en Vikingruïnes. De belangrijkste plaatsen in het zuiden zijn: Narsarsuaq, Narsaq, Qaqortoq, Alluitsup Paa en Nanortalik.
Thule (Qaanaaq) in het uiterste noorden is de wereld van 'Pooleskimo's, ijsberen en zeehonden. Het is ook een gebied dat nauw verbonden is met de namen van beroemde poolreizigers. Thule was in het verleden moeilijk bereikbaar vanwege ijs- en weersomstandig-heden. Nu is de beperkende factor de Ameri-kaanse basis, die de toegangspoort vormt en waarvoor per jaar een zeer beperkt aantal passage-visa afgegeven wordt.

Vandaag de dag leven in Qaanaaq nog ca. 900 mensen op traditionele wijze (bijna) uitsluitend van de jacht. In de zomer verdwijnt het pakijs niet helemaal en gaat men met boot en kajak tussen de voortdurend bewegende ijsschotsen op zoek naar zeehonden etc. Ondanks de zeer noordelijke ligging groeit en bloeit hier van alles en trekt deze hoogarctische flora zelfs vlinders aan. Scheepsreizen, kajak- en wandeltochten of een hondenslede-avontuur laten u kennis maken met dit uiterst noordelijke gebied. 
Lokaal:

Vanwege de smalle dunbevolkte kuststroken heeft Groenland geen autowegennet. In de dorpen en steden zijn wegen (en auto’s!), maar enkele kilometers buiten de dorpen en steden houden de wegen op. Wel heeft Groenland een uitgebreid systeem van bootjes die plaatsen binnen één regio verbinden. Langs de westkust varen in de zomer diverse lokale ferries van plaats naar plaats.

Internationaal:

Groenland heeft geen transatlantische veerdiensten.
Zuid-Groenland (Narsarsuaq) en West-Groenland (Kangerlussuaq) worden het gehele jaar ( in de winter 4 x p. wk, in de zomer 6 x p.wk) aangevlogen vanaf Kopenhagen door Air Greenland. In de zomer is er tevens 2x per week een Air Iceland-lijndienst vanaf Reykjavík naar Narsarsuaq.

Oost-Groenland (Kulusuk) wordt het gehele jaar (in de winter 1 x p.wk, in de zomer 6 x p.wk) aangevlogen door Air Iceland vanaf Reykjavík (IJsland).

BELANGRIJK:

Weers- en ijsomstandigheden kunnen vlieg- en vaarschema’s danig in de war schoppen. Houd daarmee rekening in uw reisschema en plan geen belangrijke afspraken direct na uw geplande thuiskomst. Bij het afsluiten van een reisverzekering is een werelddekking nodig, Groenland valt nl. niet onder de EU.
 

Toeristische informatie over Groenland:


GREENLAND TOURISM 
www.greenland.com
VISITDENMARK Postbus 266 2300 AG Leiden CONTACT